Mobiele beperking

Als je een mobiele beperking hebt, met welke hulpmiddelen kun je reizen met de bus? Hieronder de mogelijkheden en voorwaarden op een rijtje.

In de wetgeving (Besluit toegankelijkheid openbaar vervoer) is vastgelegd dat een bus een in- en uitgang heeft waarbij een onbelemmerde toegang mogelijk is tussen de halte of het perron en de bus. Daarnaast dienen de mobiele hulpmiddelen aan veiligheidseisen te voldoen om met de bus te kunnen reizen. Ook zijn afspraken gemaakt over wat je mag verwachten van de chauffeur als je reist met een rolstoel.

Gestelde eisen per mobiel hulpmiddel

Let op: Je bent zelf verantwoordelijk voor het naleven van de regelgeving. Kun je niet zelfstandig reizen of voldoet jouw (elektrische) rolstoel niet aan de norm, dan is de Regiotaxi of WMO-vervoer een goed alternatief.
Lees via de tabbladen meer over de verschillende regels per hulpmiddel.

Reizen met een rollator

Je kunt in onze bussen reizen met een rollator.

  • Plaats de rollator tijdens de rit op de rolstoelplaats, mits deze niet bezet is. Een reiziger in een (elektrische) rolstoel heeft altijd voorrang op deze plek.
  • Zet de rollator tijdens de rit op de rem.
  • Neem zelf plaats op een passagiersstoel in de bus. Het is niet de bedoeling dat je plaatsneemt op de rollator tijdens de rit. Dit is levensgevaarlijk mocht de bus plotsklaps hard remmen.

Reizen met een scootmobiel

Een scootmobiel is niet toegestaan in de bus. Door de constructie van een scootmobiel is het niet mogelijk om een scootmobiel goed vast te zetten. De aanwezige veiligheidsgordel is hier niet voor geschikt en daardoor kunnen wij de veiligheid niet waarborgen. 

Een uitzondering is de opvouwbare scootmobiel. Deze mag mee wanneer deze als bagage kan worden vervoerd en in de daarvoor aanwezige ruimte kan worden geplaatst. De passagier moet bij de halte klaar staan met de scootmobiel in ingeklapte vorm, zodat hij/zij bij aankomst van de bus direct kan instappen.